Nieuws
Als de lucht onrustig is
1.49 uur. Een felle lichtflits verlicht de slaapkamer. Nog voor de donder klinkt, hoor ik de wind aantrekken en de eerste regendruppels tikken. Op zo'n moment popt er een checklist op. Het gras? Nee, dat is de afgelopen dagen geoogst en conserveert onder het plastic. De melkkoeien? Die staan binnen. De kalfjes!
Twaalf jonge dieren, tussen de vijf en tien maanden, staan sinds een paar dagen buiten. We leren dieren van jongs af aan het weiden. Daarvoor hebben we een speciale “oefen” weide gemaakt, dichtbij huis, met gaas en een hoge draad die hopelijk ook de wolf op afstand houdt. Een beetje vergelijkbaar met fietsen: eerst met zijwieltjes en op den duur zelfstandig.
Overdag voelt dat als een mooie stap vooruit en geniet ik van het brokjes brengen in de weide en het bekijken van de dieren. Midden in een onweersnacht voelt het ineens heel anders.
Ik loop naar buiten. De lucht knippert onafgebroken. De regen wordt harder. In de verte zie ik de twaalf kalveren bij elkaar staan. Ze kijken mijn kant op. Ze zijn rustig. Dat stelt me gerust. Veel meer kan ik op dat moment ook niet doen.
Binnen haal ik nog een paar stekkers uit het stopcontact. Daarna kruip ik weer onder de dekens. Naast me wordt Buienradar op de telefoon geopend. Alsof een scherm precies kan vertellen wanneer de onrust voorbij is, maargoed het managet de verwachtingen iets.
Na een half uur lijkt het ergste over. Ik nog één keer kijken. Het groepje is wat uit elkaar gegaan en een aantal begint weer te grazen. Ik tel: één, twee, drie... twaalf. Ze zijn rustig, gelukkig. Misschien is dat wel het minst zichtbare onderdeel van ons werk. Niet het melken of voeren, ook de verantwoordelijkheid die je altijd bij je draagt, ook midden in de nacht.
